Dappere Dodo

Hoe Fido en Feike een jong hangbuikzwijn opspoorden

Voor het slapen gaan laat ik altijd onze honden uit. Zo ook laatst; het was behoorlijk donker. Een donkere schim – zijn niet alle schimmen donker? – maakte zich snel uit de voeten. Ik was bang dat het een egel was.
Voor Feike maakt dat niet zoveel uit. Ook de stekels weerhouden hem niet om ernaar te happen. Zo’n vijftig meter voor kinder-boerderij Bijlmerweide brachten beide heren (Fido en Feike) de schim tot staan. Na een korte spurt zag ik wat er opgejaagd was. Het geknor verried zijn soort. In het donker leek het donker-kleurige ding een jong wild zwijn. Het vlakbij gelegen Telegraafbos herbergt bij mijn weten echter geen everpopulatie.
- Fido, Feike DOWN!
Het viel niet mee. Ik noemde hem Knorretje, met zijn brede nek en zijn donkere, niet wildkleurige vacht. Hij bleek later een 5 à 6 weken oud hangbuikzwijntje te zijn.
Hij liet zich niet pakken. Bij de ingang van de kinderboerderij verdween hij onder het hek door. Mijn kattelokgeluiden deden hem besluiten weer terug te komen onder het hek door.
Mij vond-ie niet zo interessant of betrouwbaar.
DOWN, riep ik voor de derde keer mijn Stabijhoun Feike toe. Hij is de jongste (4) van de twee en staat dicht bij de natuur en moet in dit soort situaties goed onder appel worden gehouden.

Knorretje heeft daar geen bood-schap aan en heeft meer belang-stelling voor de volle staarten van de honden. Fido (5) doet een uitval naar het kleine beestje: luchthappend om hem te ímponeren. Het werkt, K. snuffelt knorrend verder naar de staart van Feike. Diens ogen voorspellen weinig goeds, maar hij blijft liggen. Ik besluit te bellen. In het donker zonder leesbril is het moeilijk de juiste toetsen op mijn mobieltje te vinden...
- Hi! Wil jij de dierenambulance bellen; er loopt en jong wild zwijn knorrend achter ons aan.
- Waarom pak je hem niet op en neem je hem mee naar huis?
Ik zou het doen. Het wilde alleen nog steeds niet lukken. Na de zoveelste poging verdwijnt K. onder het hek van het schapen- weitje door, hupt over de drempel van het nachtverblijf en laat zich niet meer zien.
- Kom jongens, we gaan naar huis.
Arina komt me tegemoet lopen, vergezeld van Ellen die op de kinderboerderij werkt, haar moeder en hun hond. Dat was puur toeval, bleek.

- Waar issie?
Ik legde uit waar hij was verdwenen. Ellen bezit geen sleutels van Kinderboerderij Bijlmerweide en we besloten de volgende morgen af te wachten.

Arina zei dat de Dierenambulance een telefoonnummer voor een Varkensopvang had gegeven. Ik heb al veel gehoord. Zeehondencreche. De Bereboot, (oude spelling). De poezenboot. Egelopvang. Stichting Aap. Stichting Syberische Struisvogel in de Stress. En natuurlijk ons eigen Vogeleiland aan de rand van de Bijlmerweide waar 24 uur per dag zieke en gewonde volgels worden afgeleverd, meestal door de dierenambulance. Enfin er was dus ook een varkensopvang.
Het antwoordapparaat nodigde me uit in te spreken en ik legde de situatie uit. Op het punt naar bed te gaan werd ik teruggebeld. Een vriendelijke vrouwenstem vroeg naar de details van mijn verhaal.
- Ik kan nu toch verder niets doen, morgen zie ik wel verder. Wilt u op de hoogte gehouden worden hoe dit afloopt?
Ik wilde dat.
- Graag op mijn 06-nummer.
Het weekend zouden we op het platteland zijn.
Zondagavond 10 uur. Mijn mobiel belt.
- Bent u de man die het biggetje gevonden heeft?
Na mijn bevestiging vervolgt ze:
- Ellen van de kinderboerderij had het beestje niet meer in het nachthok gevonden, maar midden in de schapenwei en ‘m daarna tijdelijk in een konijnenhok gestopt. Hij is nu hier en maakt het goed.

Ze legde uit dat het een jong hangbuikzwijn betrof en kon zich niet voorstellen dat iemand zo’n beestje zomaar aan de dijk kon zetten.
Hier is een boerderij vlakbij Amstelveen waar zij varkens opvangt in het Beloofde Varkensland met dank voor de foto.


- Heeft-ie al een naam?
Ze zou ‘m Kruimeltje noemen. Net zo’n brutaaltje als in het boek of in de film.
- Wie kan nou niet van zo’n beestje houden?
Dafne heeft iets met varkens en organiseert ook workshops. Lees haar filosofie op:
http://www.familiebofkont.nl. In de weblog beschrijft zij het voorval wat romantischer dan ik dat doe. Ook hoe hij
uiteindelijk tot Dappere Dodo wordt gedoopt.
Wie is verantwoordelijk voor deze zwijnenstreek? Of is het een ontsnapping? Enfin het interview met de Telegraaf - vooral bedoeld om een oproep te doen - werd door de redacteur tot zo’n sensatieverhaal verwoordt dat Fido en Feike er zich er totaal niet in herkenden, laat staan het feit dat hun baas jager was geworden. Zij zouden dat toch als jachthond als eerste weten.